Trauma

3 08 2010

Optimisten zijn slecht geïnformeerde pessimisten wordt wel eens gezegd, en misschien niet geheel onterecht. Al wie vanaf de eerste speeldag vuurwerk verwachtte is eraan voor de moeite. Het is natuurlijk nog veel te vroeg om al conclusies te trekken, maar op het eerste zicht lijkt de nationale competitie verder te kabbelen op het matige niveau van vorig jaar. Vooral Club en Standard stelden alweer teleur. Beide titelpretendenten lieten alweer punten liggen en kunnen vanaf speeldag één meteen gaan achtervolgen. Onnodig, maar zeker niet onverdiend. Het spel van beide teams was ondermaats en vooral Club speelde zonder overtuiging. Daar een goede mentaliteit en een sterk groepsgevoel jarenlang een certitude waren in Brugge, zijn het nu net die twee zaken die ontbreken. De groep hangt, na enkele akkefietjes op training, als los zand aan mekaar en een aantal spelers heeft duidelijk moeite met de opgelegde regels en wetten. Zo moest Nabil Dirar, na alweer een disciplinaire sanctie, vanaf de zijlijn toekijken hoe zijn ploeg alweer een teleurstelling rijker werd. Misschien niet de beste keuze van Koster, want ondanks spelers als Vargas, Perisic en nieuwkomer Dalmat missen de Bruggelingen nog steeds creativiteit op het middenveld. Doch moet de verklaring voor de nieuwe nederlaag dieper gezocht worden. Zowel Club als Standard kampen blijkbaar nog met het trauma dat ze vorig seizoen opliepen. De teleurstelling hangt bij beide ploegen, ondanks de niet onaardige voorbereiding, nog als een molensteen om de nek. Als het goed gaat geen probleem, maar zodra het begint te stormen kan het water snel aan de mond staan. Hopelijk klaart de hemel snel uit en krijgen we dit jaar opnieuw een échte strijd bovenin het klassement.





Boezemvrienden

23 07 2010

Een heroïsch duel moest het worden. Een strijd van man tegen man, op de flanken van de Tourmalet. Het was de laatste kans voor de Witte Trui om zich alsnog in het Geel te heisen. De spanning was te snijden, alle elementen voor een thriller waren aanwezig. Toch draaide het anders uit. Het scenario was duidelijk niet door Hitchkock geschreven en had eerder iets weg van een romantisch drama. De rollen lagen nochtans vast.  Schleck moest demarreren,  Contador mocht het wiel niet lossen. Met nog tien kilometer voor de boeg begon de Luxemburger zoals verwacht aan zijn aartsmoeilijke opdracht, tijd terugpakken met het oog op de tijdrit van zaterdag. Maar de tweevoudige winnaar ging gezwind mee en deelde zelf even een prikje uit door te demarreren op een kleine vijf kilometer van de top. Schleck kwam terug en de twee tenoren reden haast hand in hand over de finish. Contador had misschien wel kunnen doorgaan om zijn Gele Trui nog meer glans te geven, maar deed het niet. Had hij medelijden? Kon hij niet beter? Wou hij het risico niet lopen om op een counter te botsen? Waarschijnlijk. Maar misschien wou hij zich ontdoen van het schuldgevoel dat hem al enkele dagen achtervolgde. Toen Schleck demarreerde op de Port de Balès leek Contador te moeten lossen, tot Schleck’s ketting het plots begaf. Contador profiteerde meteen en zette de Luxemburger alsnog op acht seconden.  Schleck was, niet geheel onterecht, not amused en de vriendschap leek ver zoek. Contador, die zogezegd pas achteraf vernomen had wat er haperde, bracht prompt zijn excuses over via Youtube. Nooit gezien. Schleck vergaf de Spanjaard meteen en de volgende dag leek er geen vuiltje meer aan de lucht. Toch bleef het publiek Contador uitjouwen waarop Schleck op zijn beurt het volk toesprak en zo zijn boezemvriend uit de wind zette. Lichtjes ontroerend zou je denken. Je zou bijna vergeten dat we het over koers hebben, een sport waar echte vriendschap een rariteit schijnt te zijn. Of was het gewoon een heel slimme zet van de Spaanse Berggeit? Nadat Schleck weer was komen aansluiten overlegden ze even. Contador wou hierover niet meer kwijt dan ‘wat we zeiden was niet zo belangrijk‘. Meer dan waarschijnlijk gooiden ze het daar op een akkoordje. Schleck mocht zijn tweede ritoverwinning in ontvangst nemen, Contador kon zich voor de derde keer tourwinnaar noemen. Doordacht, maar toch hadden we liever een échte strijd gezien. Hopelijk blijft vriendschap tussen concurrenten een rariteit.





La Furia Roja

23 07 2010

Statistieken werden bovengehaald, meningen rondgestrooid, pronostieken werden naarstig neergepend en zelfs de keuze van een Octopus ging de wereld rond. Er was zondag maar 1 ding dat de wereld bezighield en dat was de WK-finale in Soccer City. De finale tussen twee ploegen die er nog nooit in slaagden zichzelf tot Wereldkampioen te kronen. Oranje was er meer dan een kwarteeuw geleden al tweemaal dichtbij geweest, maar verder dan de hoogste ereplaats kwamen ze niet. Ondanks de twee eerder verloren finales waren er nauwelijks Nederlanders te vinden die rekening hielden met de meest ondankbare plaats op een WK, de tweede. Een beetje bizar misschien, want ondanks het Hollandse enthousiasme en het geloof in eigen kunnen moeten we, best stilzwijgend, vaststellen dat Nederlanders geen winnaars zijn. Getuige daarvan de 2 eerder verloren WK-finales. De Spanjaarden daarentegen kunnen terugblikken op een gouden lustrum, waarin ze meer met de vaderlandse vlag mochten wapperen als dat ze er hun tranen mee hoefden te drogen. Een kleine bloemlezing: 4 Tourzeges op een rij, nummer 1 in het mannentennis, 2 maal de Champions League, Olympisch kampioen wegrennen en na de Europese kampioenentitel in 2008 nu ook de Wereldtitel in de populairste sport ter wereld. Ze zijn dus al wat feestjes gewoon in Spanje. Ik kan me dan ook niet van de indruk ontdoen dat Oranje veel meer naar die eerste Wereltitel snakte dan La Furia Roja.  Toch moeten we stellen dat Spanje een terechte wereldkampioen is. Maar wat er ook van zij, Nederland toonde zich een groot verliezer. En misschien is groot zijn in het verlies wel de sleutel tot succes.





Diego Forlàn

23 07 2010

Aan de vooravond van de ontknoping van ‘s werelds grootste voetbalfeest kunnen we stellen dat de Uruguayaanse goalgetter Diego Forlàn zichzelf man van het WK mag noemen. Met 5 goals in 7 matchen is zijn aandeel in de verrassende 4e plaats van zijn land niet gering. Chacavacha, zo luidt zijn bijnaam in Uruguay, kan terugblikken op een ijzersterk seizoen. Niet alleen scoorde hij in ongeveer de helft van zijn wedstrijden, hij maakte ook de 2 beslissende doelpunten in de finale van de Europa League en maakte zichzelf daarmee niet alleen immens populair in zijn thuisland, maar ook in Spanje. Het had zelf nog mooier kunnen worden voor de Zuid-Amerikaan. Als zijn vrije trap in de slotseconden van zijn WK niet uiteenspatte op het doelhout, maar iets meer last had van de zwaartekracht, kon Chacavacha zichzelf waarschijnlijk ook op de borst kloppen als enige topschutter van het WK. Over een aantal jaar zal immers niemand zich nog herinneren wie naast de Spanjaard Villa, de Duitser Müller en de Nederlander Sneijder die vierde man was die 5 maal de netten deed trillen op het eerste WK op Afrikaanse bodem. Doch kunnen zowel Villa, na zijn titel van topschutter op het voorbije EK, als Sneijder nog met de bloemen gaan lopen als ze er vanavond in slagen minstens één doelpunt te maken in een nu al historische WK-finale.





Play-offs

23 07 2010

We zijn nog 6 wedstrijden verwijderd van de laatste match in de play-offs, maar toch laaien de discussies over de recent doorgevoerde hervorming weer hoog op. De late tegengoal van Club Brugge zorgde er immers voor dat de strijd om de landstitel nu wel helemaal beslist is. Zeg nooit nooit natuurlijk, maar iedereen die een beetje realistisch is beseft nu ook wel dat Anderlecht de eerste kampioen wordt in het nieuwe compititieformat. Als we eerlijk zijn, en dat zijn we ook, moeten we zeggen dat de vicekampioen van vorig jaar al voor de start van de play-offs zo goed als zeker was van de bloemen. Zijn de play-offs dan een maat voor niets? Als je het mij vraagt wel. Ik ben nooit voorstander geweest van het nieuwe systeem en de indruk van onrechtvaardigheid werpt een schaduw over de gecreëerde spanning. Door de punten te halveren kon Club Brugge eerder zijn tweede plaats nog verliezen dan nog kampioen te worden. En ook in play-off II, dat misschien wel gered is door de aanwezigheid van Racing Genk en Standard, loopt het niet zoals het zou moeten. Clubs als Lokeren en Charleroi die op het nippertje de eindronde konden ontlopen hebben weinig tot geen zin in een nacompetitie waarin voor hen toch niets te winnen of te verliezen valt.  Of wat te zeggen over nummer 15 uit de reguliere competitie: Roeselare. De mannen van Van Wijk liggen te braden in het Zuiden terwijl tezelfdertijd in België de competitie nog volop aan de gang is, hopelijk is de vakantiestemming verdwenen wanneer ze aan de bak moeten tegen de tweedeklassers. De play-offs meteen afvoeren zou misschien een beetje te kort door de bocht zijn, maar er moet toch nog eens goed over nagedacht worden. Enkele aanpassingen aan o.a. het puntensysteem zouden volgend jaar misschien voor wat meer spankracht kunnen zorgen. Wat er ook van zij, het publiek loopt er niet echt warm van en zoals een goede zakenman zou moeten weten: klant is koning.





Club Brugge

23 07 2010

Half tien gisteravond, een zucht van zware ontgoocheling rolt van de Brugse tribunes. Club heeft zonet een 1-0 voorsprong uit handen gegeven op een handvol seconden van het laatste fluitsignaal. Brugge domineerde de hele match en op enkele kansen in de eerste helft na, bood Gent weinig weerwerk. De late tegengoal smaakte dan ook bijzonder zuur bij al wat blauw en zwart was, want zelfs al winnen ze komende zondag de topper tegen Anderlecht, de titel lijkt verder weg dan ooit. Toch heeft Club dit grotendeels aan zichzelf te danken. Het liet dit seizoen te vaak punten liggen op de cruciale momenten en had ook af te rekenen met heel wat pech. Ondanks het feit dat Adrie Koster, gestuwd door zijn Zeeuws positivisme, nog steeds naar boven kijkt zal het vooral zaak worden om de tweede plaats veilig te stellen. Het is immers al een hele tijd geleden dat Club zich nog eens kon plaatsen voor het kampioenenbal, te lang voor een topclub. Als Club deze zomer gerichte transfers doet, er is vooral nood aan een rechtsachter, kan het volgend jaar pas echt meestrijden voor de titel. Als Standard en Racing Genk dan ook boven water komen, belooft het een interessant seizoen te worden.